De Kraai en oefentoetsen bij GBL.

Het  vernieuwde  inburgeringsexamen buitenland is sinds 1 april van kracht en nu wordt ter voorbereiding van het examen, ook het vernieuwde pakket Naar Nederland regelmatig besteld. Voor de beeldvorming geef ik hier een lijstje van meest populaire talen waarin het pakket Naar Nederland is besteld.  De top 3 wordt gevormd door het Arabisch, het Engels en het Frans gevolgd door het  Thai en het Indonesisch en tenslotte volgen Spaans en Portugees.    Wat nog niet werd besteld zijn pakketten voor mensen die Dari, Pashto en Urdu.  Voor Iraniërs  is er echter geen pakket met steuntaal Perzisch / Farsi maar weer wel als je moedertaal Dari is dat in het oosten van Iran wordt gesproken en in het westen van Afghanistan,   of voor het Koerdisch, een taal die gesproken wordt in de grensgebieden van Turkije, Syrie en Noord-Irak.   En er is een pakket voor Vietnamees sprekenden.

Welke keuzes en discussies er zijn gevoerd om voor sommige talen en dus bevolkingsgroepen wel een aangepast pakket te ontwikkelen en voor anderen niet daar had ik uit nieuwsgierigheid best bij willen zijn.  Zouden er geopolitieke motieven aan ten grondslag liggen?  Bij  het noemen van die talen dacht ik aan de oorlogsgebieden   die we dankzij televisiebeelden kennen. Het zijn landen zoals Vietnam, Iran en Irak, Afghanistan, Pakistan waar ik nog nooit ben geweest maar waar voor mij de beeldvorming samenvalt met  oorlog  en waarvan je je dus zonder veel moeite kunt voorstellen dat mensen daar niet willen blijven en geen goede toekomst zien voor hun kinderen. 

Ik las enkele weken geleden  'De Kraai' van Kader Abdollah; het boekenweekgeschenk van 2011. Een prachtig boekje dat behalve literaire kwaliteiten ook een soort antwoord is aan mensen die zich afvragen waarom er eigenlijk asielzoekers zijn en vluchtelingen en  gelukzoekers uit landen waar de toekomst troosteloos is.  

Het verhaal van de Iraanse vluchteling Refiq Foad, die eindeloos rondzwerft en eerst hoopt en gelooft in de verlossing van het communisme en tenslotte terecht komt in een klein en plat land waar de meeste vluchtelingen helemaal niet heen willen maar waar hij terecht komt omdat Nederland het goedkoopste land is waar de mensensmokkelaar uit  Istanbul hem heen kan brengen. De ik-persoon blijft  ondanks alles dromen ooit de bekendste schrijver te worden van Iran  en als dat niet realistisch meer blijkt te zijn danmaar van Nederland. 

De Iraanse ik-persoon is makelaar in koffie en woont op de Lauriersgracht nr. 37 in Amsterdam. Daarmee pakt  Abdollah een draad op die verwijst  naar de Nederlandse literaire traditie  en die hij vakkundig weet te vervlechten met  de Iraanse  poetische traditie.   Abdollah  kiest ervoor om direct de confrontatie aan te gaan met de Nederlandse literatuur  en deze  naast de Perzische te leggen.  Hij kiest voor de Max Havelaar; het boek dat lange tijd controversieel was  en vertelt over het Nederlandse koloniale verleden dat nog volop overtuigd was van zijn culturele suprematie. En het feit dat  Abdollah in het Nederlands schrijft lijkt na de vele succesvolle titels van zijn hand, al lang normaal geworden. 

Het moge duidelijk zijn dat ik buitengewoon enthousiast ben over De Kraai en ik heb in de afgelopen weken exemplaren verzameld en vervolgens cadeau gegeven aan een paar Iraanse asielzoeksters die in afwachting van hun procedure bezig zijn om Nederlands te leren. Ik wil er eigenlijk wel meer hebben want elke inburgeraar die De Kraai kan lezen kan dat beschouwen als een bewijs dat in het portfolio voor inburgering mag worden gestoken.  Kader Abdollah  was al een  rolmodel voor inburgering maar kan zich wat mij betreft  ook  voor integratie laten  beëdigen omdat hij de culturele overeenkomsten en verschillen benoemt en zijn steentje bijdraagt aan onze  literaire traditie en ik denk dat Multatuli er ook geen bezwaar tegen zou hebben gemaakt dat er verder geborduurd is op zijn boek door een Nederlander met een Iraanse inborst. 

Terug naar een  bestseller van een heel ander genre namelijk  het pakket Naar Nederland  ter voorbereiding van het examen. Alles wat je nodig hebt,  zit in de doos: DVD's, audio-cd's, KNS-vragen een werkboek voor de taal,  de TIN-codes om te oefenen met de onderdelen TGN en GBL.  

Extra oefenen voor de TGN kan met

Maar extra  oefenen met de GBL daarvoor is nog niets ontwikkeld. Wie heeft er iets in de maak en zoekt een uitgever voor het oefenpakket bij de toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen? Onze klanten vragen er regelmatig naar.  Neem contact met ons op  door een bericht te sturen naar: info@nederlandsalstweedetaal.nl.  

 

U komt Naar Nederland na 1 april 2011 en u neemt mee …. (deel 2)

Er is een  spelletje dat leuk is om met een groep te doen en dat heet: Ik ga naar … bijvoorbeeld Florida en ik neem mee… . Iedereen mag om de beurt iets noemen dat hij in de koffer wil stoppen  en de volgende  persoon moet eerst de voorgaande voorwerpen opnoemen en dan zelf iets  toevoegen.  Als je je vergist met opsommen ben je af. Wie overblijft heeft natuurlijk gewonnen. 

Het zelfstudie basispakket voor de inburgering Naar Nederland  zit in uw koffer  want dat hebt u nodig gehad ter voorbereiding van het basisexamen inburgering dat u moest afleggen  bij de Nederlandse ambassade in Bangkok (of in Peking, Cairo, Tunis of Manilla).  U moest examen afleggen om in aanmerking te komen voor de MVV.  U bent nu op Schiphol en  u bent dus  geslaagd!   Hartelijke gefeliciteerd en  welkom in Nederland. 

U bent dus op Schiphol met de doos van het inburgeringspakket in uw koffer.  Ondanks de omvang hebt u het hele pakket toch meegenomen want je weet maar nooit. Het is het bewijs dat u hard gewerkt hebt voor uw examen.  Als u na  1 april 2011 examen hebt gedaan hebt u de nieuwe versie van het pakket gebruikt die ook voorbereidt voor de GBL en in die doos  zit: 

- het fotoboek  voor het onderdeel KNS  met dezelfde 100 vragen van de vroegere versie van Naar Nederland.         

- 2 DVD's

  • 1 DVD met film  Naar  Nederland  over de Nederlandse samenleving.  Over de inhoud van de film krijgt u gedurende het examen geen vragen, maar de film is vooral informatief, het gaat over verschillende zaken zoals geschiedenis van Nederlands en over de Nederlandse samenleving. Wat u echt nuttig vond was om te zien hoe een TGN en GBL toets worden afgenomen bij de ambassade. Het inburgeringsexamen is uniek vanwege de manier waarop het wordt afgenomen: een medewerker van de ambassade stond u te woord en gaf u de instructies en  u dacht eerst dat hij de examinator was. U  kreeg een koptelefoon op en moest via een telefoonlijn tegen een computer praten. De computer heeft alles wat u zei opgeslagen en de beoordeling heeft ergens in Nederland plaatsgevonden. 
  • 1 DVD met een digitaal oefenprogramma

-  het werkboek waarmee u zich hebt voorbereid op de GBL en TGN.  Het werkboek traint luister- en leesvaardigheid en passieve spreekvaardigheid en  besteedt de eerste 20 lessen aan alfabetisering en aan de  klanken van het Nederlands.  Het  werkboek ziet er mooi uit en is uitsluitend gericht op  het aanleren van de passieve vaardigheden:  luisteren, lezen, nazeggen en  begrijpen waarbij u moet kiezen tussen twee antwoorden en het goede antwoord herhalen.  Bij het werkboek zitten woordenlijsten  in 16 talen en daarom kon u elk woord opzoeken en leren. Dankzij die woordenlijsten hebt u veel Nederlandse woorden geleerd.

-  7 audio-cd's:  

  • 1 audio-cd met de 100 vragen  (in het Nederlands) bij het fotoboek,
  • 4 audio-cd's  met de luisterteksten (in het Nederlands)  bij het werkboek,  
  • 2 audio cd's  met de woorden uit het werkboek (in het Nederlands en in uw eigen taal)  

- een handleiding met de uitleg van het examen in uw eigen taal en in het Nederlands 

Wat u in uw land hebt achtergelaten zijn de 2 maal 2 tin-codes die u had gekregen bij het pakket  Naar Nederland  en waarmee u telefonisch hebt  ingelogd naar de computer om de proefexamens van GBL en TGN te doen.   Toen u de tin-codes had gebruikt hebt u ze weggegooid. Dat was de allerlaatste stap van de voorbereiding van het examen.  U had voldoende goede antwoorden gegeven tegen de sprakeloze telefoon en hebt u toen zo snel mogelijk ingeschreven voor het echte examen bij de ambassade. 

Wat u mistte in uw pakket was een  basisgrammatica van het Nederlands.  Het blijkt namelijk verdraaid lastig om een taal te leren begrijpen zonder  handige kapstokjes. Hier volgen een paar handige boekjes. 

Als  onthouden van de onderdelen van het pakket  en het leren van de inhoud noodzaak is, dan kunt u het direct bekijken en bestellen.  Hier vindt u alle beschikbare talen. 

    U komt Naar Nederland na 1-04-11 (deel 1)

    De afgelopen jaren heb ik nog al eens gefulmineerd tegen het basisexamen inburgering buitenland. Samengevat komt het erop neer dat aan de hand van de  TGN luistervaardigheid wordt beoordeeld  op het niet bestaande niveau A1-min en dat de  zinnetjes en vragen van de toets  zonder  context zijn.   

    Per 1 april 2011 wordt er ook Begrijpend Lezen en Geletterdheid getoetst en worden TGN en BGL op  niveau  A1 afgenomen.   A1 is een niveau dat is vastgelegd in het Raamwerk NT2. Hier kunt u lezen wat er dan voor luister- en leesvaardigheid eigenlijk zou worden verlangd.

    Volgens de matrix voor zelfevaluatie van het Raamwerk NT2 moet de anderstalige voor luistervaardigheid "vertrouwde woorden en basiszinnen kunnen begrijpen die hemzelf, zijn familie en directe concrete omgeving betreffen, wanneer de mensen langzaam en duidelijk spreken. HIj / Zij moet instructies begrijpen die zorgvuldig en langzaam aan hem/haar gericht zijn en hij kan korte, eenvoudige aanwijzingen opvolgen." 

    Voor Leesvaardigheid kan de anderstalige "vertrouwde namen, woorden en zeer eenvoudige zinnen begrijpen, bijvoorbeeld in mededelingen, op posters en in catalogi. Meer specifiek moet  de anderstalige correspondentie kunnen lezen zoals eenvoudige berichten op een ansichtkaart. Hij moet  oriënterend kunnen lezen, namelijk bekende  namen, woorden en simpele standaardzinnetjes herkennen in eenvoudige mededelingen in de meest voorkomende alledaagse situaties. Hij  moet kunnen lezen om informatie op te doen en zich een idee vormen van de inhoud van eenvoudige informatieve materialen en korte eenvoudige beschrijvingen, vooral als er visuele ondersteuning bij is. Hij moet  Instructies kunnen  lezen en opvolgen van   korte, eenvoudig geschreven aanwijzingen." 

    Als niveau A1 de basis is waarop de  TGN en BGN zijn gemaakt dan zou wat ik hier heb geknipt en geplakt uit het Raamwerk NT2 het theoretische kader moeten zijn.  MOETEN ZIJN want  in de praktijk is de TGN nog steeds dezelfde toets die niets te maken heeft met de genoemde discreptoren en  is alleen de cesuur opgehoogd. De makers zullen zich wel verschuilen achter argumenten als dat de toetsen  telefonisch in het land van herkomst van de MVV-aanvrager moet worden afgenomen.  Naar mijn mening worden de niveaubepalingen  van het Raamwerk oneigenlijk  gebruikt.  Het is eeuwig zonde dat we zijn blijven zitten met een TGN-gedrocht dat inmiddels ook nog eens een GBL gedrochtje heeft gebaard.  

     

     

    U komt Naar Nederland na 1-04-11 (deel 1)

    De afgelopen jaren heb ik menig blog besteed aan het fulmineren tegen het basisexamen inburgering buitenland.  Samengevat kwam mijn commentaar erop neer dat aan de hand van de  TGN luistervaardigheid wordt beoordeeld  op het niet bestaande niveau A1-min en dat de  zinnetjes en vragen van de toets  zonder  context zijn.   

    Per 1 april 2011 wordt er ook Begrijpend Lezen en Geletterdheid getoetst en worden TGN en BGL op  niveau  A1 afgenomen.   A1 is een niveau dat is vastgelegd in het Raamwerk NT2. Hier kunt u lezen wat er dan voor luister- en leesvaardigheid eigenlijk zou worden verlangd.

    Volgens de matrix voor zelfevaluatie van het Raamwerk NT2 moet de anderstalige voor luistervaardigheid "vertrouwde woorden en basiszinnen kunnen begrijpen die hemzelf, zijn familie en directe concrete omgeving betreffen, wanneer de mensen langzaam en duidelijk spreken. HIj / Zij moet instructies begrijpen die zorgvuldig en langzaam aan hem/haar gericht zijn en hij kan korte, eenvoudige aanwijzingen opvolgen." 

    Voor Leesvaardigheid kan de anderstalige "vertrouwde namen, woorden en zeer eenvoudige zinnen begrijpen, bijvoorbeeld in mededelingen, op posters en in catalogi. Meer specifiek moet  de anderstalige correspondentie kunnen lezen zoals eenvoudige berichten op een ansichtkaart. Hij moet  oriënterend kunnen lezen, namelijk bekende  namen, woorden en simpele standaardzinnetjes herkennen in eenvoudige mededelingen in de meest voorkomende alledaagse situaties. Hij  moet kunnen lezen om informatie op te doen en zich een idee vormen van de inhoud van eenvoudige informatieve materialen en korte eenvoudige beschrijvingen, vooral als er visuele ondersteuning bij is. Hij moet  Instructies kunnen  lezen en opvolgen van   korte, eenvoudig geschreven aanwijzingen." 

    Als niveau A1 de basis is waarop de  TGN en BGN zijn gemaakt dan zou wat ik hier heb geknipt en geplakt uit het Raamwerk NT2 het theoretische kader moeten zijn.  MOETEN ZIJN want  in de praktijk is de TGN nog steeds dezelfde toets die niets te maken heeft met de genoemde discreptoren en  is alleen de cesuur opgehoogd. De makers zullen zich wel verschuilen achter argumenten als dat de toetsen  telefonisch in het land van herkomst van de MVV-aanvrager moet worden afgenomen.  Naar mijn mening worden de niveaubepalingen  van het Raamwerk oneigenlijk  gebruikt.  Het is eeuwig zonde dat we zijn blijven zitten met een TGN-gedrocht dat inmiddels ook nog eens een GBL gedrochtje heeft gebaard.  

     

     

     

    Het Inburgeringsexamen buitenland op 1 april 2011 naar niveau A1 (ERK/CEFR)

    Het niveau van het inburgeringsexamen buitenland gaat per 1 april voor het onderdeel TGN omhoog  naar A1, las ik op de website van de overheid. 

    Inburgeraars die voor 1 april 2011 het examen willen afleggen, maken haast en er is ook een duidelijke toename te zien van het aantal studiesets inburgeringsexamen buitenland dat over de toonbank gaat.

    Op de verschillende nieuwsgroepen op Linkedin die zich richten op inburgering zijn discussies gaande over het examen. Roos Friesland werpt binnen de  groep Inburgering, integratie en participatie de vraag op:  ‘Wanneer is een nieuwe Nederlander ingeburgerd’?  Een vraag die zich leent voor een brede maatschappelijke discussie waar Nederlanders  het komende decennium nog een hele kluif aan kunnen hebben.  Maar hopelijk komt er dan ook niet een   'canon voor inburgering'   uit voort of een of ander kant-en-klaar antwoord. Een bewustwordingsproces over wat inburgering inhoudt en hoe het nou zit met de nationale identiteit, dat lijkt me interessant en nuttig. 

    Het examen  wordt dus verzwaard en er komt een  toets Geletterdheid en Begrijpend lezen bij, kortweg de GBL. Deze toets zal via de computer en  door middel van spraakherkenning worden afgenomen en ook dit onderdeel zal waarschijnlijk de pretentie hebben dat de geëxamineerde inburgeraar op A1 niveau wordt getoetst voor lees- en schrijfvaardigheid.

    De  verzwaring van het buitenland examen had een goede gelegenheid kunnen zijn om de TGN ook in overeenstemming te brengen met de echte taalvaardigheidsniveaus van het  ERK. Als alleen de cesuur omhoog gaat dan blijft het een pretentieus gedrocht, en daarover heb ik in eerdere weblogs ook al geschreven.  Het is een illusie om te denken dat inburgeraars  die de TGN hebben afgelegd   luister- en spreekvaardigheid op A1 niveau beheersen.

    Inmiddels  is er ruim drie jaar ervaring opgedaan met het examen,  de slagingspercentages zijn bekend en er zal toch ook wel  bekend zijn welk percentage  inburgeraars  aanwezig is op de arbeidsmarkt?  Wat ik eigenlijk ook wil weten is wat de inburgeraars zelf na afloop  vinden van de inburgeringstrajecten. Sluiten ze aan bij het dagelijks leven, heeft het allemaal bijgedragen tot betere inburgering?   Wellicht dat er na de brede maatschappelijk discussie ook criteria kunnen worden opgesteld om de graad van integratie en participatie van inburgeraars mee te meten.

    De TGN bestaat nu uit: 

    - twee onderdelen zinnen nazeggen die op geen enkele manier  in overeenstemming zijn met de ERK /CEFR descriptoren voor luister- en spreekvaardigheid voor niveau A1;

    - luisteren naar een vraag en antwoord geven met goed, fout of  ja of nee.  Dat vereist al iets meer taalvaardigheid (luisteren) en in ieder geval begrip en enige spreekvaardigheid en past binnen de ERK niveaus voor A1; 

    - tegenstellingen geven.  In de praktijk zal de inburgeraar een oneindige lijst van woorden zonder context uit het hoofd leren. Als de lijst maar lang genoeg is dan gaat de inburgeraar  aan het einde van het leerproces vanzelf in zwart – witbeelden  praten en zal hij zelfs denken dat dit de enige manier is waarop Nederlanders de werkelijkheid verwoorden.   Als de inburgeraar nog  grijstinten waarneemt dan kan hij dat op A1 niveau onmogelijk zeggen omdat hij   in tegenstellingen heeft leren praten. Kleurschakeringen zien hoort niet bij het A1-niveau!  

    De KNS toets bestaat uit:

    - honderd  vragen bij een fotoboek.   Die vragen zijn ook te vinden op verschillende websites (zie onderstaande links). Als we inburgeraars  willen leren dat Nederland een land is waar mensen  ondanks verschillende religieuze en etnische achtergronden, meningen, seksuele geaardheid enz. in verscheidenheid goed met elkaar goed kunnen samenleven dan is een  inburgeringscanon geen oplossing net zo min als het denken in tegenstellingen en antwoord is. 

    Bij het lezen van de vragen bekruipt me elke keer de lust om de vragen uit te vergroten en op te pimpen. Misschien wil de de organisatie tot het behoud van het nietszeggende  inburgeringsexamen zich eens buigen over mijn voorstel om  de TGN te laten samensmelten met de KNS toets.  Het sterkste  punt van deze test is  dat de tegenstellingen dan in context worden geplaatst  en daarom al een hoger cognitief niveau vereisen. Mocht u een onbedwingbare glimlach rond te lippen verschijnen bij lezing, dan moet ik me daarvoor bij voorbaat excuseren want dat is allerminst mijn bedoeling. 

    Hier alvast een aantal  voorbeeldvragen van de nieuwe toets.  

    Kies steeds a of b.

    1 In welk deel van Europa ligt Nederland?

        a.In het rijke westen?

        b.In het arme oosten? 

    Een goed antwoord  levert  de kandidaat 2  punten op omdat hij de tegenstellingen oosten – westen en arm – rijk heeft begrepen.

    2 Welk land is kleiner, Nederland of Marokko?

        a.Nederland

        b.Marokko

    Alle kandidaten,  behalve Marokkanen,  krijgen bij het correcte antwoord dubbele punten omdat zij impliciet begrepen hebben dat er betrekkingen zijn tussen Nederland en Marokko. De vraag naar wat  voor soort betrekkingen  er zijn tussen Nederland en Marokko komt pas in het tweede gedeelte van het examen op A2-niveau aan bod.

    3 Welk land is groter, Nederland of Turkije?

        a.Nederland

        b.Turkije

    Hiervoor geldt  hetzelfde als bij de vorige vraag.  Alle bevolkingsgroepen, inclusief  Koerden en Armenen krijgen dubbele punten.  Turken kunnen NOOIT meer  dan 1 punt scoren als zij het antwoord weten. 

    4 Waar denkt u aan als u het woord Nederland hoort?

        a Nederigheid

        b Nederzetting 

    Het goede antwoord is zonder meer Nederigheid.  Wie denkt dat Nederland een nederzetting is,  moet terug naar het land van herkomst. 

    5 Wat is dit? 

    Wapen van zeeland
     

     

        a. Een leeuw die watertrapt voor zijn A-diploma. 

        b. Een leeuw die zo zal verdrinken omdat hij geen zwemdiploma heeft.

     Het goede antwoord is a.  want deze leeuw is zo verstandig om een zwemdiploma te halen. 

     

    6     Wat betekent LUCTOR et EMERGO?

        a.  Dat heeft iets te maken met die leeuw van vraag 5.

        b.  Dat heeft iets te maken met een taal die hier al lang niet meer wordt onderwezen op school.

    Dit is de enige vraag waarbij beide antwoorden goed zijn, omdat de vragenstellers ook  niet precies meer wisten in welke context ze dit moeten plaatsen. Ze hadden de weerklank van de canon gehoord maar wisten niet waar het geluid vandaan kwam. 

     

    7 Hardlopers zijn ……….. . Geef de tegenstellingen en verklaar de uitdrukking.

        a.  Hardlopers  zijn doodlopers  want die mensen doen erg hun best om vooraan te staan en dat komt je  in Nederland duur te staan. 

        b.  Hardlopers zijn zachte eieren.  Dat betekent dat je niets waard bent als je hardloopt.

    a is goed want hardlopers zijn binnen de Nederlandse grenzen niet welkom, iedereen dient zich aan de maximumsnelheid te houden, dat is wel zo veilig.  

     

    8 In Nederland wonen daar veel mensen of weinig?

        a. Veel mensen.

        b. Weinig mensen.

    Het goede antwoord is natuurlijk a. want de inburgeraar die er een eigen referentiekader op na houdt en bijvoorbeeld uit China komt waar de stad Shanghai alleen al 19 miljoen mensen telt, kan zich onvoldoende inleven in het Nederlandse VOL is VOL gevoel.

     

    9  Waar ligt de grootste zeehaven?

        a In Rotterdam

        b buiten Antwerpen

    Het verkeerde antwoord leidt tot een minnetje op de verblijfsvergunning.  

     

    10   Wie helpt u als u in Nederland aankomt en waarom? 

        a. Uw partner, want die betaalt alles.

        b. De mensensmokkelaar want die is gratis.

    a. is goed en behoeft geen verklaring want hierover hoeft zelfs de inburgeraar niet na te denken.

     

    11  In Nederland, zijn de wegen daar rustig of druk.

        a. Rustig.

        b. Druk.

    Het goede antwoord is druk. Inburgeraars die nooit in de Randstad zijn geweest,  zullen wellicht denken dat ze voor de gek zijn gehouden. Hadden ze maar beter moeten opletten bij vraag 8. 

     

    12     Wat is typisch Nederlands in het verkeer?

        a.  Fietsen.

        b.  Bordjes bij de invoegstrook van de snelweg waaop staat ‘Hier ritsen’  

        a. Is goed. 

     

    13      Leven Nederlanders veel binnen of buiten?

        a. Binnen.

        b. Buiten.

    Buiten is fout want de uitzonderingen bevestigen de regel.  Alle wandelaars, mountainbikers, fietsers, trimmers, joggers, zeilers, en andere buitensporters die vooral gedurende het weekend in de stad en op het platte land in touw zijn en  die hun vrije tijd buiten rondbrengen, zijn niet een fenomeen dat een gewone  inburgeraar kan zijn opgevallen. Dus het goede antwoord is a. Daarbij is het buiten altijd  slecht weer dus hebben gewone Nederlanders buiten niets te zoeken.

     

    14     Door welk land is Nederland bezet tijdens de Tweede Wereldoorlog?

        a Door een buurland.

        b Door het buitenland.

     

    15     Was de koning van Spanje protestant of katholiek?

    Het goede antwoord is katholiek.  De inburgeraar die het hier waagt om fout te gokken, moet het bezuren met  een degelijke protestantse preek gegeven door de moraalridder van dienst. Het zal als bijlage aan de verblijfsvergunning worden geniet na betaling van gemeenteleges ad  € 135,66   en de inburgeraar wordt geacht om de eerste tien  jaar van zijn verblijf dit document altijd bij zich te dragen en voor te lezen aan het bevoegd gezag zodra hij hiertoe wordt gesommeerd. Dit kan bijvoorbeeld zijn als hij fietst zonder licht, of claxonneert voor een stoplicht waar een invalidewagentje niet vooruit te branden is. 

     

     

    16 Waarom is Anne Frank beroemd?

        a Zij schreef een dagboek.

        b Zij was joods.

    Dit laatste antwoord correspondeert niet met de bedoeling van de vraag.    

    De inburgeraar krijgt in het echte examen bij de meeste van de bovengenoemde vragen  alleen een keuze als het de bedoeling is dat hij de tegenstelling begrijpt.   Er is maar een mogelijk antwoord en bij de meeste vragen is het antwoord leren uit het  hoofd de enige werkbare strategie. Vragen zijn voornamelijk triviaal.  Is het niet treurig dat we mensen stimuleren om een inburgeringsexamen af te leggen maar dat het examen hen eigenlijk niet als serieuze inburgerkandidaat beschouwt?  Mensen die inburgeren worden op termijn toch gewone burgers?  Geef ze die kans dan ook. 

    De 100 vragen zonder het fotoboekje. Op dezelfde pagina zijn alle vragen met de foto’s te downloaden. 

    Online oefenen met dezelfde vragen kan bij Talent voor Taal.

     

     

    Het Inburgeringsexamen buitenland op 1 april 2011 naar niveau A1 (ERK/CEFR)

    Het niveau van het inburgeringsexamen buitenland gaat per 1 april voor het onderdeel TGN omhoog  naar A1, las ik op de website van de overheid. 

    Inburgeraars die voor 1 april 2011 het examen willen afleggen, maken haast en er is ook een duidelijke toename te zien van het aantal studiesets inburgeringsexamen buitenland dat over de toonbank gaat.

    Op de verschillende nieuwsgroepen op Linkedin die zich richten op inburgering zijn discussies gaande over het examen. Roos Friesland werpt binnen de  groep Inburgering, integratie en participatie de vraag op:  ‘Wanneer is een nieuwe Nederlander ingeburgerd’?  Een vraag die zich leent voor een brede maatschappelijke discussie waar Nederlanders  het komende decennium nog een hele kluif aan kunnen hebben.  Maar hopelijk komt er dan ook niet een   'canon voor inburgering'   uit voort of een of ander kant-en-klaar antwoord. Een bewustwordingsproces over wat inburgering inhoudt en hoe het nou zit met de nationale identiteit, dat lijkt me interessant en nuttig. 

    Het examen  wordt dus verzwaard en er komt een  toets Geletterdheid en Begrijpend lezen bij, kortweg de GBL. Deze toets zal via de computer en  door middel van spraakherkenning worden afgenomen en ook dit onderdeel zal waarschijnlijk de pretentie hebben dat de geëxamineerde inburgeraar op A1 niveau wordt getoetst voor lees- en schrijfvaardigheid.

    De  verzwaring van het buitenland examen had een goede gelegenheid kunnen zijn om de TGN ook in overeenstemming te brengen met de echte taalvaardigheidsniveaus van het  ERK. Als alleen de cesuur omhoog gaat dan blijft het een pretentieus gedrocht, en daarover heb ik in eerdere weblogs ook al geschreven.  Het is een illusie om te denken dat inburgeraars  die de TGN hebben afgelegd   luister- en spreekvaardigheid op A1 niveau beheersen.

    Inmiddels  is er ruim drie jaar ervaring opgedaan met het examen,  de slagingspercentages zijn bekend en er zal toch ook wel  bekend zijn welk percentage  inburgeraars  aanwezig is op de arbeidsmarkt?  Wat ik eigenlijk ook wil weten is wat de inburgeraars zelf na afloop  vinden van de inburgeringstrajecten. Sluiten ze aan bij het dagelijks leven, heeft het allemaal bijgedragen tot betere inburgering?   Wellicht dat er na de brede maatschappelijk discussie ook criteria kunnen worden opgesteld om de graad van integratie en participatie van inburgeraars mee te meten.

    De TGN bestaat nu uit: 

    - twee onderdelen zinnen nazeggen die op geen enkele manier  in overeenstemming zijn met de ERK /CEFR descriptoren voor luister- en spreekvaardigheid voor niveau A1;

    - luisteren naar een vraag en antwoord geven met goed, fout of  ja of nee.  Dat vereist al iets meer taalvaardigheid (luisteren) en in ieder geval begrip en enige spreekvaardigheid en past binnen de ERK niveaus voor A1; 

    - tegenstellingen geven.  In de praktijk zal de inburgeraar een oneindige lijst van woorden zonder context uit het hoofd leren. Als de lijst maar lang genoeg is dan gaat de inburgeraar  aan het einde van het leerproces vanzelf in zwart – witbeelden  praten en zal hij zelfs denken dat dit de enige manier is waarop Nederlanders de werkelijkheid verwoorden.   Als de inburgeraar nog  grijstinten waarneemt dan kan hij dat op A1 niveau onmogelijk zeggen omdat hij   in tegenstellingen heeft leren praten. Kleurschakeringen zien hoort niet bij het A1-niveau!  

    De KNS toets bestaat uit:

    - honderd  vragen bij een fotoboek.   Die vragen zijn ook te vinden op verschillende websites (zie onderstaande links). Als we inburgeraars  willen leren dat Nederland een land is waar mensen  ondanks verschillende religieuze en etnische achtergronden, meningen, seksuele geaardheid enz. in verscheidenheid goed met elkaar goed kunnen samenleven dan is een  inburgeringscanon geen oplossing net zo min als het denken in tegenstellingen en antwoord is. 

    Bij het lezen van de vragen bekruipt me elke keer de lust om de vragen uit te vergroten en op te pimpen. Misschien wil de de organisatie tot het behoud van het nietszeggende  inburgeringsexamen zich eens buigen over mijn voorstel om  de TGN te laten samensmelten met de KNS toets.  Het sterkste  punt van deze test is  dat de tegenstellingen dan in context worden geplaatst  en daarom al een hoger cognitief niveau vereisen. Mocht u een onbedwingbare glimlach rond te lippen verschijnen bij lezing, dan moet ik me daarvoor bij voorbaat excuseren want dat is allerminst mijn bedoeling. 

    Hier alvast een aantal  voorbeeldvragen van de nieuwe toets.  

    Kies steeds a of b.

    1 In welk deel van Europa ligt Nederland?

        a.In het rijke westen?

        b.In het arme oosten? 

    Een goed antwoord  levert  de kandidaat 2  punten op omdat hij de tegenstellingen oosten – westen en arm – rijk heeft begrepen.

    2 Welk land is kleiner, Nederland of Marokko?

        a.Nederland

        b.Marokko

    Alle kandidaten,  behalve Marokkanen,  krijgen bij het correcte antwoord dubbele punten omdat zij impliciet begrepen hebben dat er betrekkingen zijn tussen Nederland en Marokko. De vraag naar wat  voor soort betrekkingen  er zijn tussen Nederland en Marokko komt pas in het tweede gedeelte van het examen op A2-niveau aan bod.

    3 Welk land is groter, Nederland of Turkije?

        a.Nederland

        b.Turkije

    Hiervoor geldt  hetzelfde als bij de vorige vraag.  Alle bevolkingsgroepen, inclusief  Koerden en Armenen krijgen dubbele punten.  Turken kunnen NOOIT meer  dan 1 punt scoren als zij het antwoord weten. 

    4 Waar denkt u aan als u het woord Nederland hoort?

        a Nederigheid

        b Nederzetting 

    Het goede antwoord is zonder meer Nederigheid.  Wie denkt dat Nederland een nederzetting is,  moet terug naar het land van herkomst. 

    5 Wat is dit? 

    Wapen van zeeland
     

     

        a. Een leeuw die watertrapt voor zijn A-diploma. 

        b. Een leeuw die zo zal verdrinken omdat hij geen zwemdiploma heeft.

     Het goede antwoord is a.  want deze leeuw is zo verstandig om een zwemdiploma te halen. 

     

    6     Wat betekent LUCTOR et EMERGO?

        a.  Dat heeft iets te maken met die leeuw van vraag 5.

        b.  Dat heeft iets te maken met een taal die hier al lang niet meer wordt onderwezen op school.

    Dit is de enige vraag waarbij beide antwoorden goed zijn, omdat de vragenstellers ook  niet precies meer wisten in welke context ze dit moeten plaatsen. Ze hadden de weerklank van de canon gehoord maar wisten niet waar het geluid vandaan kwam. 

     

    7 Hardlopers zijn ……….. . Geef de tegenstellingen en verklaar de uitdrukking.

        a.  Hardlopers  zijn doodlopers  want die mensen doen erg hun best om vooraan te staan en dat komt je  in Nederland duur te staan. 

        b.  Hardlopers zijn zachte eieren.  Dat betekent dat je niets waard bent als je hardloopt.

    a is goed want hardlopers zijn binnen de Nederlandse grenzen niet welkom, iedereen dient zich aan de maximumsnelheid te houden, dat is wel zo veilig.  

     

    8 In Nederland wonen daar veel mensen of weinig?

        a. Veel mensen.

        b. Weinig mensen.

    Het goede antwoord is natuurlijk a. want de inburgeraar die er een eigen referentiekader op na houdt en bijvoorbeeld uit China komt waar de stad Shanghai alleen al 19 miljoen mensen telt, kan zich onvoldoende inleven in het Nederlandse VOL is VOL gevoel.

     

    9  Waar ligt de grootste zeehaven?

        a In Rotterdam

        b buiten Antwerpen

    Het verkeerde antwoord leidt tot een minnetje op de verblijfsvergunning.  

     

    10   Wie helpt u als u in Nederland aankomt en waarom? 

        a. Uw partner, want die betaalt alles.

        b. De mensensmokkelaar want die is gratis.

    a. is goed en behoeft geen verklaring want hierover hoeft zelfs de inburgeraar niet na te denken.

     

    11  In Nederland, zijn de wegen daar rustig of druk.

        a. Rustig.

        b. Druk.

    Het goede antwoord is druk. Inburgeraars die nooit in de Randstad zijn geweest,  zullen wellicht denken dat ze voor de gek zijn gehouden. Hadden ze maar beter moeten opletten bij vraag 8. 

     

    12     Wat is typisch Nederlands in het verkeer?

        a.  Fietsen.

        b.  Bordjes bij de invoegstrook van de snelweg waaop staat ‘Hier ritsen’  

        a. Is goed. 

     

    13      Leven Nederlanders veel binnen of buiten?

        a. Binnen.

        b. Buiten.

    Buiten is fout want de uitzonderingen bevestigen de regel.  Alle wandelaars, mountainbikers, fietsers, trimmers, joggers, zeilers, en andere buitensporters die vooral gedurende het weekend in de stad en op het platte land in touw zijn en  die hun vrije tijd buiten rondbrengen, zijn niet een fenomeen dat een gewone  inburgeraar kan zijn opgevallen. Dus het goede antwoord is a. Daarbij is het buiten altijd  slecht weer dus hebben gewone Nederlanders buiten niets te zoeken.

     

    14     Door welk land is Nederland bezet tijdens de Tweede Wereldoorlog?

        a Door een buurland.

        b Door het buitenland.

     

    15     Was de koning van Spanje protestant of katholiek?

    Het goede antwoord is katholiek.  De inburgeraar die het hier waagt om fout te gokken, moet het bezuren met  een degelijke protestantse preek gegeven door de moraalridder van dienst. Het zal als bijlage aan de verblijfsvergunning worden geniet na betaling van gemeenteleges ad  € 135,66   en de inburgeraar wordt geacht om de eerste tien  jaar van zijn verblijf dit document altijd bij zich te dragen en voor te lezen aan het bevoegd gezag zodra hij hiertoe wordt gesommeerd. Dit kan bijvoorbeeld zijn als hij fietst zonder licht, of claxonneert voor een stoplicht waar een invalidewagentje niet vooruit te branden is. 

     

     

    16 Waarom is Anne Frank beroemd?

        a Zij schreef een dagboek.

        b Zij was joods.

    Dit laatste antwoord correspondeert niet met de bedoeling van de vraag.    

    De inburgeraar krijgt in het echte examen bij de meeste van de bovengenoemde vragen  alleen een keuze als het de bedoeling is dat hij de tegenstelling begrijpt.   Er is maar een mogelijk antwoord en bij de meeste vragen is het antwoord leren uit het  hoofd de enige werkbare strategie. Vragen zijn voornamelijk triviaal.  Is het niet treurig dat we mensen stimuleren om een inburgeringsexamen af te leggen maar dat het examen hen eigenlijk niet als serieuze inburgerkandidaat beschouwt?  Mensen die inburgeren worden op termijn toch gewone burgers?  Geef ze die kans dan ook. 

    De 100 vragen zonder het fotoboekje. Op dezelfde pagina zijn alle vragen met de foto’s te downloaden. 

    Online oefenen met dezelfde vragen kan bij Talent voor Taal.

     

     

    Nieuwe ronde nieuwe kansen, toch?

    Het niveau van het inburgeringsexamen buitenland gaat per 1 april omhoog  naar A1 voor de TGN, las ik op de website van Naar Nederland. 

    Inburgeraars die voor 1 april 2011 het examen willen afleggen, maken haast en er is ook een duidelijke toename te zien van het aantal studiesets inburgeringsexamen buitenland dat over de toonbank gaat.

    Op de verschillende nieuwsgroepen op Linkedin die zich richten op inburgering zijn discussies gaande over het examen. Roos Friesland werpt binnen de  groep Inburgering, integratie en participatie de vraag op:  ‘Wanneer is een nieuwe Nederlander ingeburgerd’?  Een vraag die zich leent voor een brede maatschappelijke discussie waar Nederlanders  het komende decennium nog een hele kluif aan kunnen hebben.  Hopelijk komt er dan niet een of andere canon uit voort, want daar zie ik nou weer niks in. 

    Het examen  wordt dus verzwaard en er komt een  toets Geletterdheid en Begrijpend lezen bij, kortweg de GBL. Deze toets zal via de computer en  door middel van spraakherkenning worden afgenomen en ook dit onderdeel zal waarschijnlijk de pretentie hebben dat de geëxamineerde inburgeraar op A1 niveau wordt getoetst voor lees- en schrijfvaardigheid.

    De  verzwaring van het buitenland examen had een goede gelegenheid kunnen zijn om de TGN ook in overeenstemming te brengen met de echte taalvaardigheidsniveaus van het  ERK. Als alleen de cesuur omhoog gaat dan blijft het een pretentieus gedrocht, en daarover heb ik in eerdere weblogs ook al geschreven.  Het is een illusie om te denken dat inburgeraars  die de TGN hebben afgelegd   luister- en spreekvaardigheid op A1 niveau beheersen.

    Inmiddels  is er ruim drie jaar ervaring opgedaan met het examen,  de slagingspercentages zijn bekend en er zal tenminste  bekend zijn welk percentage van deze  inburgeraars  aanwezig is op de arbeidsmarkt?  Wat mij ook zou interesseren is om te weten wat inburgeraars na afloop zelf vinden van de inburgeringstrajecten, sluiten ze aan bij het dagelijks leven, heeft het allemaal bijgedragen tot betere inburgering?   Wellicht dat er na de brede maatschappelijk discussie ook criteria kunnen worden ontwikkeld om de graad van integratie en participatie van inburgeraars mee te meten.

    De TGN bestaat nu uit: 

    - twee onderdelen zinnen nazeggen dat op geen enkele manier  in overeenstemming is met de ERK /CEFR descriptoren voor luister- en spreekvaardigheid voor niveau A1. 

    - luisteren naar een vraag en antwoord geven met goed, fout of  ja of nee.  Dat vereist al iets meer taalvaardigheid (luisteren) en in ieder geval begrip en past al beter bij de pretenties van het inburgeringsexamen. 

    - tegenstellingen geven.  In de praktijk zal de inburgeraar een oneindige lijst van woorden zonder context uit het hoofd leren. Als de lijst maar lang genoeg is dan gaat de inburgeraar  aan het einde van het leerproces vanzelf in zwart – witbeelden  praten en zal hij zelfs denken dat dit de enige manier is waarop Nederlanders de werkelijkheid verwoorden.   Als de inburgeraar nog  grijstinten waarneemt dan kan hij dat op A1 niveau onmogelijk zeggen omdat hij   in tegenstellingen heeft leren praten. Kleurschakeringen zien hoort niet bij A1-niveau dus tel maar uit je winst! 

    De KNS toets bestaat uit: honderd  vragen bij een fotoboek .   Die vragen kun je ook terugvinden op verschillende websites (zie onderstaande links). Als we inburgeraars  willen leren dat Nederland een land is waar mensen  ondanks verschillende religieuze achtergrond, meningen,  afkomst, etnische achtergrond, seksuele voorkeuren enz. in verscheidenheid goed met elkaar kunnen samenleven dan is een  inburgeringscanon geen oplossing net zo min als het denken in tegenstellingen en oplossing is. 

    Elke keer bij het lezen van de vragen bekruipt me de lust om de vragen uit te vergroten en misschien wil de de organisatie tot het behoud van het nietszeggende  inburgeringsexamen zich eens buigen over mijn voorstel om  de TGN te laten opgaan in de KNS toets.  Het sterkste  punt van deze test wordt dat de vragen in context worden gesteld en daarom al een hoger cognitief niveau vereisen dan de huidige TGN. Als de vragen grappig mochten overkomen, dan moet ik daarvoor mijn welgemeende excuses aanbieden. 

    Hier alvast een aantal  voorbeeldvragen die direct zijn afgeleid van de bestaande KNS.  

    Kies steeds a of b.

    1 In welk deel van Europa ligt Nederland?

        a.In het rijke westen?

        b.In het arme oosten? 

    Een goed antwoord  levert  de kandidaat 2  punten op omdat hij de tegenstellingen oosten – westen en arm – rijk heeft begrepen.

    2 Welk land is kleiner, Nederland of Marokko?

        a.Nederland

        b.Marokko

    Alle kandidaten,  behalve Marokkanen,  krijgen bij het correcte antwoord dubbele punten omdat zij impliciet begrepen hebben dat er betrekkingen zijn tussen Nederland en Marokko. De vraag naar wat  voor soort betrekkingen  er zijn tussen Nederland en Marokko komt pas in het tweede gedeelte van het examen op A2-niveau aan bod.

    3 Welk land is groter, Nederland of Turkije?

        a.Nederland

        b.Turkije

    Hiervoor geldt  hetzelfde als bij de vorige vraag.  Alle bevolkingsgroepen, inclusief  Koerden en Armenen krijgen dubbele punten.  Turken kunnen NOOIT meer  dan 1 punt scoren als zij het antwoord weten. 

    4 Waar denkt u aan als u het woord Nederland hoort?

        a Nederigheid

        b Nederzetting 

    Het goede antwoord is zonder meer Nederigheid.  Wie denkt dat Nederland een nederzetting is,  moet terug naar het land van herkomst. 

    5 Wat is dit? 

    Wapenzeeland

     

        a. een leeuw die watertrapt voor zijn A-diploma 

        b. een leeuw die zo zal verdrinken omdat hij geen zwemdiploma heeft

     

    Het goede antwoord is a.  want deze leeuw is zo verstandig om een zwemdiploma te halen. 

    6 Wat betekent LUCTOR et EMERGO

        a.  Dat heeft iets te maken met die leeuw van vraag 5

        b.  Dat heeft iets te maken met een taal die hier al lang niet meer wordt onderwezen op school.

    Dit is de enige vraag waarbij beide antwoorden goed zijn, omdat de vragenstellers ook  niet precies meer wisten in welke context ze dit moeten plaatsen. Ze hadden de weerklank van de canon gehoord maar wisten niet waar het geluid vandaan kwam. 

    7 Hoogvliegers zijn doodvliegers. Geef de tegenstellingen en verklaar de uitdrukking.

        a.  Laagvliegers zijn vogels.

        b.  Laagvliegers zijn mensen.

    Hoogvliegers zijn binnen de grenzen van het Nederlandse luchtruim  doodvliegers en dat geldt dus ook voor inburgeraars.  

    8 In Nederland wonen daar veel mensen of weinig?

        a. veel mensen

        b.  weinig mensen

    Het goede antwoord is natuurlijk a. want de inburgeraar die er een eigen referentiekader op na houdt en bijvoorbeeld uit China komt waar de stad Shanghai alleen al 19 miljoen mensen telt, kan zich onvoldoende inleven in het Nederlandse VOL is VOL gevoel.

    9  Waar ligt de grootste zeehaven?

        a In Rotterdam

        b buiten Antwerpen

    Het verkeerde antwoord leidt tot een minnetje op de verblijfsvergunning.  

    10   Wie helpt u als u in Nederland aankomt?

        a. uw partner, want die is betaalt alles.

        b.  de mensensmokkelaar want die is gratis.

    behoeft geen verklaring want hierover hoeft zelfs de inburgeraar niet na te denken.

    11  In Nederland, zijn de wegen daar rustig of druk.

        a. rustig

        b.  druk

    Het goede antwoord is druk. Inburgeraars die nooit in de Randstad zijn geweest,  zullen wellicht denken dat ze voor de gek zijn gehouden. 

    12     Wat is typisch Nederlands in het verkeer?

        a.  fietsen

        b.  bordjes bij de invoegstrook van de snelweg waaop staat ‘Hier ritsen’  

    a. is goed 

     

    13      Leven Nederlanders veel binnen of buiten?

        a. binnen

        b.  buiten

     

    Buiten is fout want de uitzonderingen bevestigen de regel.  Alle wandelaars, mountainbikers, fietsers, trimmers, joggers, zeilers, en andere buitensporters die vooral gedurende het weekend in de stad en op het platte land in touw zijn en  die hun vrije tijd in de buitenlucht doorbrengen, zijn niet een fenomeen dat een inburgeraar kan zijn opgevallen. Dus het antwoord is binnen, daarbij is het buiten altijd  slecht weer. 

    14     Door welk land is Nederland bezet tijdens de Tweede Wereldoorlog?

        a door een buurland

        b door het buitenland

    12 Was de koning van Spanje protestant of katholiek?

    Het goede antwoord is katholiek.  De inburgeraar die het hier waagt om fout te gokken, moet het bezuren met  een degelijke protestantse preek gegeven door de moraalridder van dienst. Het zal als bijlage aan de verblijfsvergunning worden geniet na betaling van gemeenteleges ad  € 135,66   en de inburgeraar wordt geacht om de eerste tien  jaar van zijn verblijf dit document altijd bij zich te dragen en voor te lezen aan het bevoegd gezag zodra hij hiertoe wordt gesommeerd. Dit kan bijvoorbeeld zijn als hij fietst zonder licht, of claxonneert voor een stoplicht waar een invalidewagentje niet vooruit te branden is. 

    13 Waarom is Anne Frank beroemd?

        a zij schreef een dagboek

        b zij was joods

    Dit laatste antwoord is niet wat er wordt bedoeld met er werd bedoeld met de vraag.    

    De inburgeraar krijgt in het huidige examen bij de meeste van de bovengenoemde vragen  alleen een keuze als het gaat om een tegenstelling.   Er is meestal maar een mogelijk antwoord en eigenlijk kan je alleen maar slagen als je de vragen uit je hoofd leert dus  als een kip zonder kop tot je neemt. 

    Is het niet treurig dat we mensen uitnodigen om een inburgeringsexamen af te leggen maar ze daarbij  behandelen alsof ze geen zelfstandig denkvermogen bezitten?  Mensen die inburgeren worden op termijn toch gewone burgers? Geef ze die kans dan ook. 

     

    De 100 vragen zonder het fotoboekje. Op dezelfde pagina zijn alle vragen met de foto’s te downloaden. 

    Online oefenen met dezelfde vragen kan bij Talent voor Taal.

     

     

     

     

     

     

    Zakelijke belangen op afstand houden.

    Op de website van de overheid las ik het onderstaande bericht: 

    Minister Leers heeft, net als alle andere bewindspersonen, zijn zakelijke belangen op afstand gezet in verband met zijn aantreden als bewindspersoon. Het gaat om een vordering in verband met een niet geleverd vakantiehuis en de afwikkeling van een management bv. 

    Bij het lezen dacht ik in eerste instantie aan de boodschap van de zin en vervolgens vroeg ik me af wat het niveau van  dit typische staaltje van schrijftaal is.  Ik schat het  in op C1+ van het Europees Referentie Kader / ERK / CEFR.  

    Intussen is het roer  van het veel te zwaar beladen schip dat Nederland heet,  overgenomen door een nieuw kabinet.  De lading bestaat uit een behoorlijke schuldenlast en ruim 16 miljoen mensen. 

    De nieuwe bewindspersonen  zijn bezig om zich na een ellenlange formatie te settelen en hun  plek in het politieke spectrum te veroveren.  Intussen kijken de burgers toe, dankzij de dagelijkse stroom aan nieuwsberichten,  hoe er steeds weer nieuwe onthullingen worden gedaan met betrekking tot handel en wandel van de nieuwste lichting bewindslieden. 

    De regels zijn duidelijk: bewindslieden, zij die het land regeren,  klussen niet bij en als ze in het verleden hun BVtje spekten met extra bijverdiensten uit commissariaten of als ze werkzaam waren als  lobbyist dan moeten ze dergelijke klusjes sinds 1 maart 2010 melden  en uitstellen totdat ze uitgeregeerd zijn. 

    De bruidsschat van de nieuwe bewindspersoon bestaat uit een transparant verleden dat bij voorkeur  onbezoedeld is. Zijn er zaken die schuren dan kom je daarmee voor de draad en valt dat nog binnen de grenzen van het betamelijke. Minister Leers deed in het verleden iets met onroerend goed aan de Bulgaarse kust en hoewel deze zaak al boven water kwam toen Leers nog burgemeester van Maastricht was, blijkt uit een nieuwsbericht op de webpagina van de Rijksoverheid dat Leers afstand heeft genomen van zijn activiteiten. Daarmee is de kous af.

    Toch had nog  niet iedereen in het nieuwe kabinet van zowel bewindslieden als gedoogden, het bovenstaande direct goed begrepen.  De meest eclatante verhalen buiten beschouwing latend,  bleek afgelopen week  dat Minister Hillen van Defensie  was  vergeten dat hij sinds juni 2008 advieswerk deed voor de BAT (Britisch American Tabacco) en dat hij als senator financieel werd gesteund door de tabakslobby die de toenmalige staatssecretaris en partijgenoot Ab Klink  juist buiten de deur probeerde te houden. 

    Hillen had klaarblijkelijk niet  begrepen wat het betekent: “Zakelijke belangen op afstand zetten”. Want  hoe doe je dat eigenlijk?  Hillen is het vergeten te melden en zal zelf het gevoel hebben gehad dat hij de zaak daarmee op afstand hield.   Niemand weet natuurlijk precies wat de afstand is die je in acht moet nemen. Is het niet tijd om iets te doen aan het wollige taalgebruik van de overheid dat ook voor de betrokkenen lastig is om te interpreteren? 

    Dus vereenvoudig alle teksten naar niveau A2 en begin de zinnen  bij voorkeur  met een gebiedende wijs. U zult geen BV hebben! Een bewindspersoon mag geen lobbyist zijn. Ik denk dat er vooral binnen de Partij der Gedoogden  veel steun te vinden is voor dit soort heldere taal. 

    Of laat alle bewindspersonen voordat ze aantreden  een assessment doen voor lezen en luisteren op niveau  C1/C2-niveau . Er zijn in Nederland tienduizenden die zo'n toets  kunnen en willen afnemen.  

     

    Nu zijn de rapen gaar!

    Wat rapen zijn?  Rapen zijn tegenwoordig geen populair bestanddeel van de maaltijd meer.  We eten liever pasta, rijst, couscous of zelfs aardappels als zetmeel in plaats van knolraap. Volgens de uitdrukking werden ze dus niet rauw maar gaar  gegeten. Ik geloof niet dat ik de smaak van knolraap ken, maar in de biologische groentepakketten komen ze nog voor.

    Knolraap-en-koolraap
    Knolraap-en-koolraap

    Nu zijn de rapen gaar betekent: nu zullen we het hebben.  Dit wordt gezegd op een kritiek moment, meestal als er ruzie of tumult dreigt. 

    Aan deze uitdrukking moest ik denken  bij het horen van het politieke nieuws deze week.  Hoe zal het gaan met de inburgering in Nederland onder het nieuwe kabinet?  Surfend op internet zag ik dat de gemeente Den Haag de inburgering serieus neemt.  Juist de gemeente die het politieke hart van het land is.  Hoe zal dat in de toekomst gaan?  We zullen het wel zien: de tijd zal het leren. 

    Sinds enkele weken assisteer ik bij een cursus Nederlands ten behoeve van asielzoekers bij mij in de buurt. Het is een vrijwilligersproject van een van de lokale kerken met als doel om de mensen die in het nabij gelegen AZC wonen de mogelijkheid te bieden om Nederlands te leren en kennis te maken met Nederland en Nederlanders terwijl ze wachten op een status. De organisatoren hebben er bewust voor gekozen om de cursus niet in het AZC te laten plaatsvinden maar in een lichte, vrolijke ruimte naast de kerk, midden in het dorp.  

    Op de Utrechtse Heuvelrug is het AZC gevestigd in het gebouw dat  vroeger het revalidatiecentrum de Hooghstraat was. Het gebouw dateert uit de tijd dat men het beter  vond dat zieken herstelden omgeven door de rust van een bos.  De cursisten worden dankzij de taalcursus gestimuleerd om er eens uit te gaan. Velen komen op de fiets naar het dorp. Veel jonge dertigers uit Iran die hoger opgeleid zijn, volgen vol enthousiasme deze lessen.  Hun motivatie om Nederlands te leren is groot. 

    Ter voorbereiding van de inburgeringscursus stuitte ik een serie grappige YOUTUBE filmpjes van stand-up comedian Philip Walkate.  Om de lol ervan in te zien moet je wel goed  Nederlands en Engels beheersen dus voor de inburgeringscursus zelf is het niet  geschikt, maar als je eenmaal zover bent dat je hier om kunt lachen dan ben je wel ingeburgerd! 

    DE INBURGERINGSCURSE – Philip Walkate

     

     

     

     

     

     

    Deel 1 van de 3-delige Engelstalige cursus over inburgeren in Nederland. Cursusleider is Kees van Sliedrecht (Case from Sliedrecht). Over de household rules van de cursus, de lunch met choice between an apple or a sinus apple en uitleg over bittergarnituur. (Bitter balls and little flames).

     

    Zwart – wit denken

    Gisteren heb ik op internet een voorbeeld inburgeringsexamen gedaan.    Omdat ik vaak de vraag krijg hoe je het examen het beste kan  voorbereiden, en VanDorp Educatief uitgever is van NT2 en inburgeringsmateriaal, houdt de inhoud van het examen me nog steeds bezig.   Ik heb een voorbeeld van een Toets Gesproken Nederlands / TGN,  een KNS (Kennis van de Nederlandse Samenleving) en een EPE (Electronisch Praktijk Examen) gemaakt.  

    Examens als zodanig geven een soort canon aan, ze zijn representatief want   als je voldoende goede antwoorden hebt, ben je dus ingeburgerd.  Over enkele maanden wordt het examen verzwaard met een onderdeel leesvaardigheid en schrijfvaardigheid. Dat houdt in dat Nederland   analfabeten aan de poort gaat selecteren. Wat ik vurig hoop is dat het examen in zijn geheel wordt gereviseerd zodat de onderdelen een  samenhangend geheel worden.  

    Voor wie niet thuis is in TGN, KNS en EPE volgen hier wat voorbeelden van vragen per onderdeel.

    TGN onderdeel zinnen nazeggen:

    1 – Niets is zeker.

    2 – Je moet iedere dag twee ons groente eten.

    3 – Papegaaien kunnen dingen nazeggen.

    4 – Kun je in de zee zwemmen of hardlopen.

    5 – Als je te dik bent moet je afvallen.

    TGN onderdeel vragen beantwoorden: 

    6 – Is gras blauw of groen?

    7 – Komt een Griek uit Europa?

    8 – Moet je een rotonde links of rechtsom omrijden?

    9 – Gebruik je om een schilderij te maken verf of een potlood?

    10 – Is een vaas voor bloemen of voor planten? 

     Heel spitsvondig allemaal wat inburgeraars moeten begrijpen van Nederland. Als er niets vanaf hing en je zou niet beter weten dan zijn deze zinnen grappig, ze raken kant noch wal maar zijn daarom juist grappig.   Het toonbeeld van Nederlandse humor wellicht met een zweem van de lang vervlogen spruitjeslucht.  

    TGN onderdeel tegenstellingen. Je hoort een woord en moet de tegenstelling zeggen.  We toetsen met de Toets GEsproken Nederlands namelijk spreekvaardigheid.  In de toets die ik gisteren  maakte moet je aanklikken Ik weet het / ik weet het niet. Hiermee kun je jezelf makkelijk voor de gek houden door steeds aan te klikken dat je het wel weet. Voorbeelden van de tegenstellingen zijn bijvoorbeeld: oud, verdrietig, bevriezen, anders, per ongeluk.  Zwart / wit dus, want dit is Nederland,  tegenstellingen zijn belangrijk! 

    De ontwikkelaars van de  toets hebben zich op het standpunt gesteld dat ze taaluitingen moesten toetsen op A1 / A2 niveau. De descriptoren van het Europees Referentie Kader / ERK hebben ze daarbij niet geraadpleegd, maar daarover heb ik in eerdere Blogs al geschreven.  En  het maakte ze niet uit  waar die taal in verpakt werd.  Als de  inburgeraar  goed / fout vragen heeft beantwoord met een voldoende hoge score dan is hij klaar om te gaan communiceren in het Nederlands.

    Het EPE bestaat uit filmpjes en foto's die refereren aan zaken die elke Nederlander moet weten: hoe geef ik een geboorte aan bij de Burgerlijke stand, hoe vraag je een nieuw rijbewijs aan, wat wordt er van je verwacht als je schoolgaande kinderen hebt, wat hoor je met je afval te doen  en zo meer. Opvallend zijn ook de vragen over verzekeringen en waarvoor je die allemaal nodig hebt.  Dat is  dus ook belangrijk om te weten en een van onze nationale verworvenheden. Wij weten waar we ons allemaal tegen kunnen verzekeren en doen dat consciëntieus, we zijn zo lekker verzekerd  van de wieg tot het graf.  De spruitjeslucht wil maar niet wegtrekken uit deze toets.  

    Voor de inburgeraar die in de toekomst ook stemrecht krijgt en die wil meepraten over de op handen zijnde formatie van een nieuw kabinet is het antwoord op onderstaande vraag heel belangrijk: 

    Jij vindt dat de overheid een grote rol moet spelen in de maatschappij. Moet je dan op een linkse of een rechtse partij stemmen?

     a) op een linkse partij

    b) op een rechtse partij

    Hopelijk weet de inburgeraar al dat dit dus Nederland  is en geen linkse of rechtse  dictatuur. Maar is het nou een prerogatief van links om zwaar bemande ministeries in te richten waaruit goed voor de burger wordt gezorgd?  Of gaat het erom dat de overheid zich overal mee bemoeit?  Is dat meer van links of meer van rechts? Over wat voor soort overheid gaat het hier?  EEn overheid die een goed  stelsel van  sociale zekerheid biedt, waar iedereen voldoende verzekerd is? Is de verzekering een taak van de overheid of van de particuliere verzekeringsmaatschappijen?  Ik weet het in ieder geval niet, en de inburgeraar hoeft   zijn hersens daar ook  niet over te breken.

     Hij zal doen wat ik ook heb gedaan,  namelijk gokken.  Ik kreeg na afloop een score te zien van de test, maar niet wat de goede en foute antwoorden zijn.  Ik ben er geen cent wijzer van geworden en het had er alle schijn van dat dat de bedoeling was:  waardeloos.